Startersaftrek 2026: bedrag, voorwaarden en aanvragen

De startersaftrek ZZP is een extra belastingvoordeel voor beginnende ondernemers. In 2026 trek je €2.123 extra af van je winst, bovenop de zelfstandigenaftrek van €1.200. Samen is dat €3.323 aan aftrek. Zo betaal je in je eerste jaren als ondernemer flink minder inkomstenbelasting. Hieronder lees je precies wat de startersaftrek inhoudt, wat de voorwaarden zijn en hoe je hem aanvraagt in je belastingaangifte.

Wat is de startersaftrek?

De startersaftrek is een extra belastingaftrek voor beginnende ZZP’ers. In 2026 bedraagt hij €2.123 bovenop de zelfstandigenaftrek van €1.200. Je kunt hem maximaal drie keer in vijf jaar toepassen, mits je voldoet aan het urencriterium van 1.225 uur per jaar.

🧮Belasting berekenen?Bereken direct je netto inkomen met de belastingcalculator.

De startersaftrek is bedoeld om de belastingdruk te verlagen in de periode waarin je als ondernemer nog aan het opbouwen bent. Juist in de opstartfase lopen de kosten hoog op, terwijl de inkomsten vaak nog onzeker zijn. De overheid erkent dat en geeft starters daarom een duwtje in de rug via de belastingwet.

Technisch gezien is de startersaftrek een verhoging van de zelfstandigenaftrek. Je vindt hem in artikel 3.76 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Het bedrag wordt niet jaarlijks geïndexeerd zoals sommige andere aftrekposten, maar staat vast op €2.123. Dat maakt het makkelijk om van tevoren te berekenen wat je voordeel is.

Startersaftrek 2026: bedrag, voorwaarden en aanvragen
Startersaftrek 2026: bedrag, voorwaarden en aanvragen

Startersaftrek ZZP 2026: het bedrag

In 2026 is de startersaftrek €2.123. Dit bedrag tel je op bij de zelfstandigenaftrek van €1.200. Als starter heb je in totaal dus €3.323 aan ondernemersaftrek voordat je andere aftrekposten voor ZZP’ers meerekent.

Ter vergelijking: een ZZP’er zonder startersaftrek trekt in 2026 alleen de zelfstandigenaftrek van €1.200 af. Als starter is dat bedrag ruim anderhalf keer zo hoog. Dat verschil merkt je direct in de inkomstenbelasting die je uiteindelijk betaalt.

Let op: de zelfstandigenaftrek wordt de komende jaren stapsgewijs afgebouwd. In 2027 daalt hij verder. De startersaftrek staat los van die afbouw en blijft vooralsnog op €2.123. Dat maakt hem relatief gezien steeds waardevoller voor starters in vergelijking met de gewone zelfstandigenaftrek.

Voorwaarden voor de startersaftrek

Niet elke ZZP’er komt automatisch in aanmerking. Je moet aan een aantal voorwaarden voldoen om de startersaftrek te mogen claimen.

Het urencriterium: 1.225 uur

De belangrijkste voorwaarde is het urencriterium. Je moet in het betreffende kalenderjaar minimaal 1.225 uur aan je onderneming besteed hebben. Dat is gemiddeld zo’n 24 uur per week. Hierbij tellen alle uren mee die je direct of indirect aan je onderneming besteedt: klantenwerk, administratie, acquisitie, netwerken, opleiding voor je bedrijf en reistijd voor zakelijke afspraken.

Houd je uren nauwkeurig bij in een urenregistratie. De Belastingdienst kan hier achteraf naar vragen. Een simpele Excel of een urenapp volstaat, als je maar kunt aantonen dat je de 1.225 uur gehaald hebt.

Niet eerder dan 5 jaar geleden ondernemer geweest

Je mag in de vijf jaar voor het jaar waarvoor je de startersaftrek aanvraagt geen ondernemer voor de inkomstenbelasting geweest zijn. Of je moet in die vijf jaar in maximaal twee jaar gebruik hebben gemaakt van de zelfstandigenaftrek. Dit voorkomt dat iemand telkens opnieuw een onderneming opricht om de startersaftrek te pakken.

Had je vijf jaar geleden een eenmanszaak en ben je daarna in loondienst gegaan? Dan kun je bij een nieuw bedrijf alsnog recht hebben op de startersaftrek. Dit werkt precies zo als bij de eenmanszaak oprichten: je beginstatus bepaalt mede je recht op fiscale voordelen.

Je onderneming staat op jouw naam

Je moet ondernemer zijn voor de inkomstenbelasting. Dat wil zeggen dat je een eenmanszaak of een aandeel in een VOF of maatschap drijft. Heb je een BV? Dan val je buiten de boot, want BV-aandeelhouders zijn loonnemers en geen ondernemers in de zin van de inkomstenbelasting.

Hoe lang heb je recht op startersaftrek?

Je mag de startersaftrek maximaal drie keer toepassen, en alleen binnen een periode van vijf opeenvolgende jaren na de start van je onderneming. Die vijf jaar telt vanaf het eerste jaar dat je als ondernemer aangemerkt wordt door de Belastingdienst.

Je hoeft die drie keer niet aaneengesloten te gebruiken. Stel je start in 2024, voldoet in 2024 aan het urencriterium (eerste gebruik), niet in 2025 (geen recht), maar wel in 2026 en 2027. Dan heb je hem drie keer benut over vier jaar. Prima, dat mag.

Maar let op: haal je in een jaar het urencriterium van 1.225 uur niet, dan vervalt het recht op de startersaftrek voor dat jaar. Je kunt dat jaar niet later alsnog claimen. Het loont dus om je uren goed bij te houden, zeker als je net begint of een rustig jaar hebt.

Een schematisch overzicht:

  • Maximaal 3 toepassingen
  • Binnen een venster van 5 jaar na je startjaar
  • Elk jaar opnieuw het urencriterium halen
  • In elk jaar dat je hem claimt ook recht hebben op zelfstandigenaftrek

Startersaftrek aanvragen: zo doe je het

Je vraagt de startersaftrek niet apart aan. Je claimt hem gewoon in je aangifte inkomstenbelasting over het betreffende jaar. De aangifte doe je via Mijn Belastingdienst of via boekhoudsoftware zoals Moneybird, Boekhouden.nl of een vergelijkbaar pakket.

In de aangifte vul je bij het onderdeel “winst uit onderneming” de aftrekposten in. Daar staat een specifiek veld voor de zelfstandigenaftrek en een apart veld voor de startersaftrek. Je vinkt de startersaftrek aan en vult het bedrag in: €2.123. De Belastingdienst controleert automatisch of je aan de basisvoorwaarden voldoet op basis van de gegevens die je invult.

Heb je een boekhouder of fiscalist? Laat hem of haar controleren of je aan alle voorwaarden voldoet en of de aftrek correct is verwerkt. Een fout hier kan leiden tot een naheffing met rente, wat je extra geld kost.

Stappen voor de aangifte

  1. Log in op Mijn Belastingdienst of open je boekhoudsoftware
  2. Ga naar “Aangifte inkomstenbelasting” voor het betreffende jaar
  3. Vul je winst in bij “winst uit onderneming”
  4. Vink bij ondernemersaftrek de zelfstandigenaftrek aan (€1.200)
  5. Vink ook de startersaftrek aan (€2.123) als je in aanmerking komt
  6. Controleer je urenregistratie en bewaar die minstens 7 jaar
  7. Dien de aangifte in voor 1 mei van het jaar volgend op het belastingjaar

Startersaftrek en zelfstandigenaftrek: het verschil

Veel starters halen de zelfstandigenaftrek en de startersaftrek door elkaar. Begrijpelijk, want ze hangen nauw samen. Maar er zijn duidelijke verschillen.

De zelfstandigenaftrek is er voor alle ZZP’ers die aan het urencriterium voldoen, ongeacht hoe lang ze al ondernemer zijn. In 2026 bedraagt hij €1.200. De startersaftrek is alleen voor beginnende ondernemers, maximaal drie keer in vijf jaar, en bedraagt €2.123 extra.

Een ander verschil: de zelfstandigenaftrek wordt de komende jaren versneld afgebouwd richting nul. De startersaftrek staat los van die afbouw. Dat betekent dat de startersaftrek relatief gezien steeds een groter deel van je totale ondernemersaftrek uitmaakt naarmate de zelfstandigenaftrek daalt.

Beide aftrekposten mag je samen toepassen. Ze worden bij elkaar opgeteld en in mindering gebracht op je belastbare winst. Zie ook ons overzicht van alle aftrekposten voor ZZP’ers voor een volledig beeld van wat je kunt aftrekken.

Hoeveel bespaar je met de startersaftrek?

Hoeveel belasting je bespaart, hangt af van je belastbaar inkomen en het tarief dat daarvoor geldt. Hieronder een concreet rekenvoorbeeld bij een winst van €50.000.

Rekenvoorbeeld bij €50.000 winst

Stel: je hebt in 2026 een winst van €50.000 als ZZP’er en je voldoet aan het urencriterium. Je hebt recht op zowel de zelfstandigenaftrek als de startersaftrek. Je hebt geen andere aftrekposten. Je inkomen valt volledig in box 1.

Situatie Zonder startersaftrek Met startersaftrek
Winst €50.000 €50.000
Zelfstandigenaftrek €1.200 €1.200
Startersaftrek €0 €2.123
MKB-winstvrijstelling (12,7%) €6.198 €5.928
Belastbaar inkomen box 1 €42.602 €40.749
Inkomstenbelasting (ca. 35.75%) €15.298 €14.602
Belastingbesparing ca. €696

Je bespaart bij dit voorbeeld ruim €680 aan inkomstenbelasting. Dat is het netto voordeel van de startersaftrek in jaar 1. Over drie jaar gebruik levert dat in totaal meer dan €2.000 belastingbesparing op, afhankelijk van je inkomen in de jaren daarna.

Het exacte voordeel hangt af van je belastingschijf. Zit je in de eerste schijf (tot €75.518 belastbaar inkomen), dan bespaar je 35,75% over het aftrekbedrag. Bij een hoger inkomen kan de besparing oplopen tot 49,50% over het deel in de tweede schijf. Voor de meeste startende ZZP’ers geldt het tarief van de eerste schijf.

Houd er ook rekening mee dat de startersaftrek invloed heeft op je toeslagen. Door een lagere belastbare winst stijgt je toetsingsinkomen minder snel, waardoor je mogelijk langer recht houdt op zorgtoeslag of huurtoeslag. Vooral in je eerste jaren als ondernemer kan dat flink schelen in je maandelijkse lasten.

Wil je berekenen wat jij precies bespaart? Gebruik onze belastingcalculator voor ZZP’ers en vul je eigen cijfers in.

MKB-winstvrijstelling: niet vergeten

In het rekenvoorbeeld zie je de MKB-winstvrijstelling. Die bedraagt in 2026 12,7% van je winst na aftrek van de ondernemersaftrek. De startersaftrek verhoogt dus niet alleen je aftrek rechtstreeks, maar verlaagt ook de grondslag voor de MKB-winstvrijstelling. Het belastingvoordeel is daardoor iets kleiner dan het nominale bedrag van €2.123 suggereert, maar nog altijd flink.

Wil je precies weten wat je betaalt? Leer je belasting als ZZP’er berekenen.

Bekijk ook de kosten van KvK inschrijven als ZZP’er.

Veelgestelde vragen over de startersaftrek

Hoeveel is de startersaftrek in 2026?

De startersaftrek bedraagt in 2026 €2.123. Samen met de zelfstandigenaftrek van €1.200 heb je als starter in totaal €3.323 aan ondernemersaftrek.

Hoe vaak mag je de startersaftrek gebruiken?

Je mag de startersaftrek maximaal drie keer toepassen, binnen een periode van vijf jaar na de start van je onderneming. In elk van die jaren moet je wel voldoen aan het urencriterium van 1.225 uur.

Wat is het urencriterium voor de startersaftrek?

Je moet minimaal 1.225 uur per jaar aan je onderneming besteden. Dat is gemiddeld zo’n 24 uur per week. Alle uren die je direct of indirect aan je bedrijf besteedt tellen mee, inclusief administratie, acquisitie en reistijd voor zakelijke afspraken.

Hoe vraag je de startersaftrek aan?

Je vraagt de startersaftrek aan via je aangifte inkomstenbelasting. In het onderdeel “winst uit onderneming” vind je een apart veld voor de startersaftrek. Je vult daar €2.123 in naast de zelfstandigenaftrek. Je hoeft geen apart formulier of verzoek in te dienen.

Kan ik de startersaftrek combineren met de zelfstandigenaftrek?

Ja, je mag beide aftrekken combineren. De startersaftrek is in feite een verhoging van de zelfstandigenaftrek. In 2026 is je totale ondernemersaftrek dan €3.323 (€1.200 + €2.123).

Heb ik als BV-directeur recht op de startersaftrek?

Nee. De startersaftrek geldt alleen voor ondernemers in de inkomstenbelasting, zoals eenmanszaken en VOF-vennoten. Directeuren-grootaandeelhouders (DGA’s) van een BV zijn in loondienst bij hun eigen BV en hebben geen recht op de zelfstandigenaftrek of startersaftrek.

Wat als mijn winst lager is dan de startersaftrek?

Als je winst lager is dan de totale ondernemersaftrek, kan de aftrek niet volledig benut worden in dat jaar. Het resterende bedrag gaat verloren; je kunt het niet doorschuiven naar een volgend jaar. Dit is een reden om in de startersjaren te proberen voldoende winst te maken.

Bronnen

De cijfers en regels in dit artikel zijn gecontroleerd op 16 augustus 2026 bij de onderstaande officiele bronnen.

Dit artikel is informatief bedoeld en vervangt geen fiscaal advies. Raadpleeg een adviseur voor jouw specifieke situatie.